Dit staat er nog in mijn wintermoestuin (en ik ben verrast)
Rajco van WijkHet is een vreemd gevoel eigenlijk. Na je werk is het binnen no time donker, en de momenten dat je nog even naar buiten kunt, word je verwelkomd door kou en wind. Het liefst blijf je dan binnen, met een kop thee binnen handbereik. Aan de ene kant is dat best lekker – die rust, dat gebrek aan urgentie. Er hoeft niet persé iets te gebeuren in de tuin, er staat niks te verdorren in de volle zon, niks wat dringend geplukt moet worden.
Maar toch, als ik er dan eens een keer sta in de moestuin, met mijn jas dicht geritst en mijn handen in mijn zakken, zie ik dat er nog heel wat staat. En dat besef komt altijd een beetje als een verrassing. Want in mijn hoofd zit ik al in de wintermodus, maar de tuin zelf is nog volop productief.
Wat staat er eigenlijk nog allemaal?
Ik loop langs de bedden en tel in gedachten wat er allemaal nog staat te wachten. Boerenkool, natuurlijk. Die krullerige bladeren die er nog frisser uitzien na een flinke nachtvorst. Daarnaast staat de palmkool, met die prachtige rozetten van bladeren die recht omhoog groeien. Winterwortelen zitten nog onder de grond, veilig weggestopt tot ik ze nodig heb. En dan is daar ook nog de knolselderij, die ik eigenlijk snel moet oogsten voordat het echt te koud wordt.
Oh, en we hebben ook nog een paar verloren bieten staan. Die waren eigenlijk bedoeld om eerder geoogst te worden, maar ze zijn tussen de oogst door geglipt. Ze staan daar een beetje eenzaam in hun bedje, maar ze doen het nog prima.
Boerenkool: de ster van de winter
Als ik eerlijk ben, is boerenkool wel mijn favoriet in deze tijd van het jaar. Het is zo'n gewas dat echt op zijn best is als het koud wordt. De vorst maakt de bladeren zoeter, minder bitter. Ik heb dit jaar zowel groene boerenkool als de paarse variant 'Midnight Sun' staan, en die laatste is echt een plaatje om naar te kijken. Die donkerpaarse kleur steekt prachtig af tegen het groen van de andere planten.
Het mooie aan boerenkool is dat je niet alles in één keer hoeft te oogsten. Je plukt gewoon een paar bladeren wanneer je ze nodig hebt, en de plant blijft gewoon doorgroeien. Dat geeft een soort vrijheid – geen stress, gewoon af en toe wat oogsten voor een warme stamppot of een groentesoep.
De andere winterhelden
De palmkool doet het ook uitstekend. Die lange, rechte bladeren zijn niet alleen mooi om te zien, maar ook heerlijk in de keuken. Iets milder dan gewone boerenkool, maar net zo stevig. Ik gebruik ze vaak in stoofschotels of gewoon gestoomd met wat knoflook en olijfolie.
De wortels liggen geduldig te wachten onder een laagje stro. Dat stro houdt de grond een beetje beschermd tegen de ergste vorst, zodat ik ze ook bij vriezend weer nog uit de grond kan halen als ik wil. Winterwortels hebben een iets stevigere smaak dan de zomerse varianten, maar dat past perfect bij de rijke, hartige gerechten van deze tijd van het jaar.
En die knolselderij dan. Ja, die moet er echt binnenkort uit. Het is niet het meest populaire gewas, maar ik vind de subtiele, bijna nootachtige smaak erg lekker. Perfect voor in soepen of purees. Ik moet mezelf alleen nog even motiveren om op een koude avond met een schop de tuin in te gaan.
Die verloren bieten
Dan zijn er nog die bieten. Ik weet niet precies hoe het gebeurd is, maar ergens in de drukte van de herfstoogst zijn ze over het hoofd gezien. Nu staan ze daar nog, met hun groene bladeren die inmiddels wel een beetje gehavend zijn door het weer. Maar onder de grond zitten gewoon mooie bieten, klaar om gebruikt te worden. Misschien maak ik er deze week wel rode bietensalade van, of rooster ik ze uit de oven met wat tijm.
De rust van de winter
Het gekke is dat ik deze trage periode eigenlijk best waarderen is gaan waarderen. Je hoeft niet elke dag naar buiten, niet voortdurend te controleren of alles genoeg water krijgt of dat er onkruid gewied moet worden. De wintergroenten doen hun ding, geduldig wachtend tot jij ze komt halen.
En als ik dan toch in de tuin ben, op zo'n koude zaterdagochtend met mijn adem die wolkjes vormt, voel ik me toch verbonden met die planten. Ze staan daar zo stoïcijns, onverstoord door de kou. Het geeft me een soort rust, dat beeld. Alsof de tuin me herinnert aan het ritme van de seizoenen, aan het feit dat niet alles haast hoeft te hebben.
Wil je zelf ook wintergroenten proberen? In ons kool assortiment vind je verschillende variëteiten boerenkool en palmkool die perfect zijn voor de koude maanden. En voor andere wintergroenten kun je altijd ons wortel zaad bekijken voor volgende seizoen.
Veelgestelde vragen in het kort
Hieronder vind je de korte antwoorden op een aantal vragen over wintergroenten in de moestuin:
Wanneer is boerenkool het lekkerst om te oogsten?
Boerenkool is het lekkerst na de eerste nachtvorst, meestal vanaf november. De kou zet het zetmeel in de bladeren om in suikers, waardoor de smaak zoeter en minder bitter wordt. Je kunt de onderste bladeren plukken en de plant blijft gewoon doorgroeien, zodat je de hele winter door kunt oogsten wanneer je wilt.
Kunnen winterwortels in de grond blijven bij vorst?
Ja, winterwortels kunnen prima in de grond blijven staan tijdens vorst. Ik bedek ze vaak met een laagje stro om de grond beschermd te houden, zodat ik ze ook bij vriezend weer nog kan oogsten. Ze blijven zo vers en worden vaak zelfs zoeter. Alleen bij hele strenge vorst kan het lastig worden om ze uit de grond te krijgen.
Wat is het verschil tussen palmkool en boerenkool?
Palmkool groeit rechtop met lange, gladde bladeren die in een rozet groeien, terwijl boerenkool meer krullende bladeren heeft die rondom de stengel groeien. Palmkool heeft een iets mildere, zachtere smaak dan boerenkool. Beide zijn winterhard en kunnen de hele winter geoogst worden, maar palmkool is vaak wat makkelijker te verwerken in de keuken door de gladde bladstructuur.
Hoe lang kan knolselderij in de grond blijven staan?
Knolselderij kun je tot ongeveer december in de grond laten staan, zolang er geen strenge vorst komt. Bij temperaturen onder de -5 graden kan de knol beschadigen. Ik oogst ze meestal eind november of begin december en bewaar ze daarna in een koele ruimte in vochtig zand. Zo blijven ze maandenlang goed en heb je de hele winter verse knolselderij.
Wat doe je met bieten die te lang in de grond hebben gestaan?
Bieten die langer in de grond staan worden soms iets houteriger, maar zijn meestal nog prima te gebruiken. Ik controleer of ze niet te groot zijn geworden of barsten vertonen. Als ze er nog goed uitzien, kun je ze roosteren in de oven of koken voor in soepen. De kleinere exemplaren zijn meestal nog het zachtst en lekkerst voor salades of als bijgerecht.